Lesbos, vluchtelingencrisis en schuldencrisis

Eind juni 2015, in het prille begin van de Vluchtelingencrisis, maakte ik samen met onder andere Rikko Voorberg en Linda Zwart een reis naar Lesbos. Tijdens deze ooggetuige-reis ontdekten we wat de Vluchtelingencrisis, en de Schuldencrisis in Griekenland écht betekenden. Later reisde ik onder meer naar Athene en doorgangskamp Idomeni.

Wat we in 2015 nog niet wisten, was dat we óók ooggetuige waren van de eerste klimaatvluchtelingen waarmee Europa te maken kreeg, hoewel dat toen nog niet zo benoemd werd.

In die tijd en ook daarna schreef ik meerdere artikelen die te maken hadden met de Vluchtelingencrisis, de Schuldencrisis en hoe Europa hiermee omging.

Lesbos: Verstoppertje spelen met NGO’s

Dingen veranderen snel op Lesbos. Inmiddels zijn we drie weken verder, en is sommige detail-informatie (inclusief die in de schema’s aan het eind van dit artikel) alweer achterhaald. Wat natuurlijk een goede zaak is.
De hoofdlijnen en leerpunten blijven natuurlijk ook voor de toekomst belangrijk.

Het is donker op Lesbos, terwijl ik via Facebook met haar praat. Ze is pensionado en heeft de hele middag op een bedje op het strand gelegen: onder een palmboom, met uitzicht op zee. ‘s Avonds hebben ze een vuurtje gebouwd en er een kippetjes boven geroosterd. Ik was er niet bij natuurlijk, maar haar foto’s laten niets aan de verbeelding over. En ondertussen was er ook nog veel goed nieuws: er was eindelijk hulp onderweg! Stichting Vluchteling berichtte: “We zijn gestart met het verlenen van #noodhulp in Kara Tepe” en de International Rescue Committee zei ook al dat ze eraan kwam. Maar het gesprek dat ik via Facebook met haar voer, is eerder bitter.

In dit artikel vind je ook: communicatietips voor NGO’s, én een overzicht van wie wat waar aan het doen is op Lesbos.

Zinvloed gastblog:
Lesbos: symbool van ons falende humanitaire besef

Vandaag schreef ik een gastblog op Zinvloed, met foto’s van Linda Zwart. Zinvloed bestaat niet meer, maar het artikel vind je nog steeds hier.

Alfard Menninga ging met 3 mensen uit de Amsterdamse PopUpKerk naar de vluchtelingen op het Griekse Lesbos. Wat hij tegenkwam, verbijsterde hem en maakt hem strijdlustig.

Het is vrijdagavond. We zitten bij een tuinhuis ergens aan de rand van Amsterdam. De barbecue gloeit zachtjes: er liggen sardines op en feta-pakketjes. Exact zeven dagen geleden zagen we elkaar voor het laatst op Schiphol. Daar namen we afscheid na een indrukwekkende wandeltocht op het Griekse eiland Lesbos. Dit is onze reünie.

De kleine helden van Lesbos

Stel je voor, je bent acht, en je moet vluchten. Eerst over zee in een gammel bootje, dan 70 kilometer lopen, en als je denkt dat je er bent, ben je er nog niet. Ik weet niet of ik het vol zou kunnen houden. Ik weet niet of de kinderen die ik in Nederland ken het volhouden. En toch doen Taliq, Ahmad, Heia, Sheima, Mustafa en die talloze andere kinderen het, elke dag weer. Onvoorstelbaar!

Een onvoorstelbare schuld

Daar sta ik. Zojuist hebben we een van de Griekse hulpverleners op Lesbos geïnterviewd. We zaten – met toestemming van de eigenaar – op het terras van een winkel. Op een steenworp afstand is een shelter waar elke nacht talloze vluchtelingen verblijven. Ze slapen op oude matrassen, tapijten en karton. Het gaat niet goed met de zaak waar we zitten, vertelde de hulpverlener. En toch legt de man het centrum geen strobreed in de weg. Hij helpt op de achtergrond met allerlei voorzieningen (waarschijnlijk zonder dat iemand het weet), houdt een oogje in het zeil en wij mogen ons interview doen op zijn terras. En nu sta ik dus binnen, in de deuropening van zijn kantoor.

Kara Tepe: waar mensen ontmenselijkt worden

Een paar uur geleden zijn we aangekomen in Mytilini. De afgelopen twee dagen hebben we het tweede deel van de wandeling gemaakt die veel vluchtelingen maken: door de bergen en onder de bloedhete zon van Kalloni naar Mytilini. En natuurlijk hebben ook wij buiten overnacht, “in the mountains, in the jungle.” Erg goed slapen lukt niet, al was het alleen maar omdat je weet dat het illegaal is. Toch voelt het na twee uitputtende dagen als niet meer dan logisch om door te lopen naar het belangrijkste vluchtelingenkamp van Mytilini: Kara Tepe, vlakbij de Lidl. We dachten dat we inmiddels wel wat gewend waren, maar wat we in het kamp zien, tart elke beschrijving!

Vluchtelingen op Lesbos: een ‘walk from hell’

Al twee dagen staan we om 5 uur op, en staan we met 2 trouwe vrijwilligers (de kunstenaar Eric en zijn vrouw Philippa) bij het krieken van de dag op het Noordstrand van Lesbos. Daar vangen we de eerste boot op die daar vanuit Turkije arriveert (niet écht de eerste, want de boten komen 24/7 aan). Het zijn goedkope rubberboten die zonder uitzondering veel te vol zitten. Zeker met de stevige noordooster van de afgelopen dagen is het een zware overtocht. De boot die gisteren aankwam stond vol water, had alle tassen overboord gegooid en er was zelfs een man overboord gesprongen om zo zijn zwangere kersverse echtgenote (en de anderen) te redden. Vandaag dreigde de boot op de rotsen te stranden en was ik ervan overtuigd dat ik te water moest. En na zo’n stranding volgt dan nog een wandeltocht van 70 kilometer bij 30+° Celcius. Maar of dat nou het ergste is…

Lesbos: een paradijs in crisistijd

Kun je het je voorstellen? Elke dag arriveren in dit paradijs minstens zes rubberboten met vluchtelingen; soms twintig, maar meestal wel tachtig mensen per boot; dat maakt zo’n zeshonderd mensen per dag.

Nee? Dat is maar goed ook. Want dit paradijs zucht ook nog eens onder de zwaarste economische crisis die zich de afgelopen decennia binnen de Europese grenzen heeft afgespeeld. Dat alles verdraagt zich moeilijk met elkaar en daardoor is het toerisme bitterhard nodig (en erg goed mogelijk), zoals blijkt uit deze twee verhalen: